`The Games in Spain' (deel 1)

Deel 1: Bailén 1808

Daar de wargame hobby voornamelijk Engels-Amerikaans georiënteerd is kan men wel eens vergeten dat er zich buiten het Engelse taalgebied ook het één en ander af heeft gespeeld. En dat er daarover buiten het Engelse taalgebied ook spellen gemaakt zijn.

Dit tweeluik is gewijd aan de Spaanse uitgever Ludopress uit Cerdanyola del Valles, in de buurt van Barcelona. Deze mensen geven een Spaanstalig wargame tijdschrift uit, Alea geheten, en hebben daarnaast een aantal spellen over Spaanse slagen uit de Napoleontische oorlogen en de Spaanse Burgeroorlog het licht doen zien. In dit eerste artikel staan de spellen over de Napoleontische oorlogen centraal (mede omdat ik het spel over de Spaanse Burgeroorlog wel besteld maar op dit moment nog niet binnen heb). Daarom geef ik nu maar het woord aan een ander...

Frank van den Bergh

``Mordious, het zal eens tijd worden dat ik aan het woord kom! Het is al weer een hele tijd geleden dat ik het woord tot jullie pékins kon richten en jullie met mijn aanwezigheid kon verblijden! Hebben jullie mij gemist?'', zei de oude brigadier, terwijl hij het café in stommelde. ``Nanette, un verre de vin! Vandaag zal ik jullie eens vertellen over een vervelende gebeurtenis in het verre Spanje. Ja, ook daar ben ik geweest, in dat duizend miljoen maal vervloekte land. Voor mijn geliefde empereur ging ik tenslotte overal heen waarheen hij mij wilde zenden. Spanje, ah, zelfs de nonnen (en die hebben ze er veel!) keken je met de nek aan, en dat wil wat zeggen, want welk vrouwenhart wordt nu niet zwak wanneer zij een knappe huzaar met snor zien? Allemaal, ja zelfs enige Spaansen. Maar die kwamen vooral uit aan Frankrijk toegedane kringen, de zogenaamde `anfrancesados'. En dat is des te triester, want sommige van deze dames waren de zonde meer dan waard. Laat notre curé het maar niet horen! Ahhh, als ik nog denk aan de schone Juanita de Aranjuez... Ik had het grote voorrecht haar het uithoudingsvermogen van een soldat de Napoleon te mogen demonstreren...

Erm, ik geloof dat ik een klein beetje van mijn onderwerp afgedwaald ben. Het is helaas vanavond mijn droeve taak om jullie te vertellen over een Franse nederlaag. En een nederlaag met ernstige consequenties. Maar alvorens daarover te beginnen moet ik jullie vertellen hoe wij in dit Spaanse avontuur verzeild raakten. Het is natuurlijk allemaal de schuld van de Bourbons. De Spaanse wel te verstaan! Tegen het einde van de achttiende eeuw werd Spanje bestuurd door koning Carlos IV, een incompetente zwakkeling (ik bedoel maar, hij benoemde zelfs Godoy, de minnaar van zijn vrouw, tot eerste minister! Bij ons zou Godoy wegens lese-majesté tegen de muur gegaan zijn!). Nu was het zo dat, nadat wij in 1805 en 1806 de Oostenrijkers, Pruisen en Russen een pak rammel gegeven hadden, onze geliefde keizer in november 1806 het zogenaamde continentaal stelsel ingevoerd had, dat handel met het `perfide Albion' verbood. Er was echter een gat in dit stelsel: Portugal; vanouds Engelands bondgenoot. En om in Portugal te komen moet men door Spanje heen. Spanje was op dat moment bondgenoot van ons, zij het niet van harte. En zo trokken Franse troepen onder Junot door Spanje naar Portugal om het land te bezetten. Het vermolmde huis Bragança nam de kuierlatten naar Brazilië en dat was dat. Maar onze geliefde keizer had andere bedoelingen. Als echt kind van de revolutie kon hij natuurlijk nooit toestaan dat er enige Bourbons aan Frankrijk zouden grenzen en dus ging hij stoken. Met name zette hij vader Carlos IV tegen zoon Ferdinand VII op. Ondertussen trokken meer en meer Franse troepen Spanje binnen en werden belangrijke vestingen bezet. Maar ondertussen speelde onze keizer een gewiekst politiek spel. Onder het mom van een bemiddeling riep hij zowel Carlos als Ferdinand naar Bayonne, alwaar Carlos troonsafstand deed ten gunste van zijn zoon. In Spanje zelf deden hierover allerlei wilde geruchten de ronde. Zo zou hier Spanje's onafhankelijkheid verkwanseld worden, etc. De Spanjaarden voelden zich in hun trots gekrenkt. En als er één ding is waarvan Spanjaarden een overvloed hebben, dan is het trots. Het is dan ook geen wonder dat op 2 mei 1808, de in Spanje beroemde `dos de Mayo', het gepeupel in Madrid in opstand kwam en alles wat Frans was afslachtte. Gelukkig voor de keizer was daar maarschalk Murat, en die aarzelde niet om het harde hand de orde te herstellen (vuurpelotons etc.). En op 15 juni 1808 werd na een `verzoek' van een grondig geselecteerde Spaanse delegatie, Joseph Bonaparte, broer van onze geliefde keizer, tot koning van Spanje gekroond (en dus waren er ineens twee, zo niet drie koningen in Spanje. Dan hadden wij het in Frankrijk makkelijker met maar één Empereur!).

En hiermee was de knuppel in het hoenderhok gegooid... Maar voordat ik verder ga, Nanette, nog een glas wijn graag!'' Het leek er even op dat de oude brigadier de draad van zijn verhaal kwijt geraakt was, maar na een korte pauze hervatte hij. ``Hebben jullie er enig idee van wat een woest oord Spanje is? De sierra's zijn gewoon schokkend. Om van de Spaanse bevolking nog maar te zwijgen. Maar goed, wat was de situatie? De opstand van de Madrileense bevolking had over het hele land respons gevonden. Overal vormden zich plaatselijke junta's, die vastbesloten waren de strijd tegen de Fransen aan te gaan. Om de zaak te onderdrukken hadden de Fransen eigenlijk te weinig troepen. En die waren over het hele land en Portugal verdeeld. Eén van de korpsen die de Fransen wel konden gebruiken was het zogenaamde 2de Observatiekorps van de Gironde, onder leiding van Pierre Dupont de l'Etang. Dit korps lag in de omgeving van Madrid en op 24 maart 1808 verliet het Toledo om naar het zuiden te gaan. De eindbestemming was Cadiz om Franse schepen, die aldaar na de nederlaag bij Trafalgar bescherming hadden gezocht, te beschermen (tegen de Spanjaarden, wel te verstaan). Maar op dit moment moet ik iets over die Dupont vertellen. Hij was een van de meest briljante divisie-generaals in het Franse leger, die onder andere in de campagne van 1805 grote lauweren geoogst had. Door het hele leger was men van mening dat hij goed op weg was naar zijn maarschalksstaf. Dit was zijn eerste eigen onafhankelijke commando en als hij deze taak tot een goed einde zou kunnen brengen dan zou promotie vanzelf volgen.

Op 7 en 8 juni werd Cordoba bereikt (en geplunderd), maar Dupont was te laat. In de eerste plaats omdat het Franse eskader in Cadiz zich over moest geven voordat Dupont in de buurt kwam en in de tweede plaats omdat Dupont door opstanden ten noorden van hem van zijn verbindingslijnen afgesneden werd. Dupot trok zich terug op Anjudar en bleef daar enige tijd onbeslist staan. Ondertussen verslechterde de toestand voor de Dupont snel. De Spaanse strijdkrachten onder generaal Castanos verzamelden zich ten zuiden van Anjudar en maakten een omtrekkende beweging om meer naar het noordoosten de Franse verbindingslijnen af te snijden. Op dit moment maakten de Fransen de dodelijke fout om het plaatsje Bailen te verlaten. De Spanjaarden namen het in. Ondertussen was Dupot eindelijk op de 18de juli in beweging gekomen en trok hij met een konvooi aan wagens over de hoofdweg van de Camino Real naar het noorden. Maar bij Bailen liep hij tegen de Spaanse troepen van Reding en Coupigny op, die aldaar een obstakel vormden. Daarnaast werden zij het aambeeld terwijl andere Spaanse troepen onder Castanos, die Dupont achtervolgden, de hamer vormden. Op 19 juli kwam het zo tot de slag bij Bailen. Dupont deed herhaalde pogingen om door te breken, die echter niets opleverden. Uiteindelijk moest hij zich aan de Spanjaarden overgeven.'' Door te lang te aarzelen had Dupont deze catastrofe over zich af geroepen.

``Mes amis, quelle blamage! Een heel korps Keizerlijke troepen, die zich aan Spanjaarden moeten overgeven. Goed, het merendeel was weliswaar geen echte veteranen (1), maar toch was er een eenheid van de Keizerlijke Garde, namelijk de Marins van de Garde, bij betrokken. De vers gekroonde koning Joseph moest meteen Madrid weer verlaten en zich achter de Ebro in veiligheid brengen omdat er geen reserve-troepen waren om de klap op te vangen. Kortom een afgang van formaat. Voor de keizer, die met moeilijke onderhandelingen met de tsaar bezig was, had het bericht niet slechter kunnen komen en hij was dan ook zeer boos. Hij zwoer zelfs dat Dupont naar het schavot zou gaan als hij hem in handen zou krijgen. Door heel Europa kregen de vijanden van Napoleon weer moed en natuurlijk zag het perfide Albion zijn kans schoon om in dit wespennest te gaan stoken. Het is niet voor niets dat er wel eens gesproken wordt van Napoleon's `Spaanse Maagzweer'.

Wat de arme soldaten, die zich hadden moeten overgeven betreft, die gingen een ellendig lot tegemoet. Als ze de reis erheen overleefden kwamen ze terecht op Spaanse gevangenis boten (de `prison hulks') waar ze wegrotten. De Zwitserse gevangenen konden tenminste nog door in Spaanse of Britse dienst te treden aan deze hel ontsnappen.

En de Spanjaarden? De regimenten die bij Bailen geweest waren kregen op hun vaandels de eretitel: `De Veroveraars van de Veroveraars van Austerlitz'. Maar toen Napoleon zelf met zijn Grande Armee naar Spanje kwam, maakten zij kennis met de echte Veroveraars van Austerlitz, en dat bekwam ze een stuk minder goed.

Nu hebben dus die Spanjaarden van Ludopress hier een spel over gemaakt (een Fransman zou hier natuurlijk nooit een spel over maken!), laten wij eens gaan kijken hoe het werkt...''

Verpakking, kaart en counters

``Het spel komt verpakt in een mooie smalle doos met afbeelding van de Franse overgave (helas!) en bestaat uit twee countersheets, twee Spaanse brochures (één met de regels en één met de historische achtergrond), een Engelse vertaling van beiden, een kaart en een aantal folders. De kaart zelf is duidelijk. Niet spectaculair, zoals bijvoorbeeld de kunstwerkjes van Rick Barber voor Clash of Arms, maar ook niet derde werelds amateuristisch. Wat wel opvalt is de overheersende okergele achtergrondkleur, maar deze past goed bij het terrein aldaar, kan ik mij zo indenken. Eén ding dat onduidelijk is, is dat er bij verschillende bossen en slopes op de linkerhelft van de kaart een ietsje afwijkende okertint gebruikt wordt, maar dat dit blijkbaar geen effect heeft op het spel (gewoon niveau 0, clear). De schaal van de kaart is 250 yards per hex.

De counters (die bataljons, cavalerieregimenten en artilleriebatterijen voorstellen) zijn duidelijk leesbaar met afbeeldingen van soldaten in kleur en andere relevante informatie. Ook hier weer een solide gegeven. Elk punt gevechtswaarde staat voor 100 soldaten. Kenmerkend is dat met gekleurde rechthoekjes rechtsonder wordt aangegeven tot welke divisie een eenheid behoort en je dus in een oogopslag kunt zien of alles in command ligt. De counters van leiders hebben mooie afbeeldingen van vaandels, en de markers zijn helemaal mooi met kleine schilderijtjes van gesneuvelde soldaten, bereden artillerie, schermutselende soldaten, vluchtende soldaten, carré's en wagens voor het Franse konvooi. Wat de regels betreft, deze zijn duidelijk, hoewel ze hier en daar geplaagd worden door kleine taalfoutjes, maar die zijn niet belangrijk en doen niets af aan de duidelijkheid van de spelregels. Wel moet je bij het lezen van de Engelse vertaling van de geschiedenis het Spaanstalige boekje erbij houden want daar staan vrijwel alle kaarten in afgedrukt (op de één of andere manier zijn die niet in het boekje met de Engelse vertalingen terecht gekomen), maar dat is geen al te groot probleem. Maar een compliment is op zijn plaats voor de historische achtergrond van het spel. Niet alleen krijg je een duidelijke beschrijving van de gebeurtenissen, maar ook de slagordes, kleine biografieën van de commandanten etc. Een dikke pluim is hier op zijn plaats.

Maar hoe speelt het?

Tja, mes amis, daar gaat het toch om? Hoe speelt het? Om het in twee woorden te zeggen, verrassend goed.

Aan het begin van elke beurt na de tweede beurt van het spel mag de speler proberen de orders van zijn troepen te veranderen. Dan volgt de Franse beurt waarin de Franse speler eerst beweegt, dan vuurt de Spaanse speler defensief vuur, schiet de Franse speler aanvallend vuur en worden tenslotte shock attacks (melees) uitgevochten. Hierop volgt de Spaanse beurt waarin de rollen exact omgedraaid zijn en tenslotte volgt een reorganisatie, waarin eenheden die disorganised zijn of routed zijn gerallied mogen worden. Maar laten wij het eens in detail bekijken.

Te beginnen met de `orders phase'. Troepen beginnen het spel altijd met een van zes orders: 1) No orders, 2) Maneuver, 3) Harassment, 4) Attack, 5) Defend en 6) Retreat. De regels leggen duidelijk uit wat troepen met een order mogen doen. Zo mogen troepen die geen bevelen hebben alleen naar een eigen leider toe bewegen en zich verdedigen als zij aangevallen worden. Troepen met een Maneuver order kunnen vrijelijk bewegen zolang zij maar niet binnen vijf hexes van een vijandelijke eenheid komen. Bovendien krijgen zij twee extra movement points (drie wanneer zij alleen over een weg heen bewegen). Maar mochten zij door een vijandelijke eenheid aangevallen worden dan is hun verdedigingswaarde gehalveerd! (Logisch, denk aan een lange kolonne soldaten.) Eenheden met een Harassment order moeten allemaal minstens tot binnen drie hexes van een vijandelijke eenheid bewegen en 30% van de eenheden binnen dat commando mogen een gevecht met een vijandelijke eenheid aangaan. Als zij aangevallen worden verdedigen zij zich met normale sterkte. Wanneer een commando een Attack order heeft geldt hetzelfde als bij harassment, alleen kunnen dan 50% van de eenheden het gevecht aangaan. Bij eenheden met een Defend order liggen de zaken iets moeilijker: de speler moet namelijk een `verdedigingsgebied' aangeven van negen hexes breed en vijf hexes diep vanuit een bepaald centraal hokje. Eenheden binnen het commando dat een Defend order heeft mogen dit gebied niet uit, maar mogen binnen dit gebied wel vrij bewegen en aanvallen. Tenslotte is er nog een Retreat order. Eenheden met een dergelijke order die in een vijandelijke Zone of Control liggen moeten deze verlaten en mogen geen ZoC meer binnengaan.

Om de bevelen te veranderen tel je de afstand tussen de commander-in-chief en de ondergeschikte commandant, deelt die afstand door een cijfer dat in het scenario gegeven wordt (hoe hoger dat cijfer, hoe beter) en gooit een dobbelsteen. Wanneer je boven het cijfer gooit ontvangt de eenheid de nieuwe bevelen, gooi je er onder dan blijven de oude bevelen van kracht. Een lancune hierbij is dat er in de regels geen rekening gehouden wordt met breuken en de regels niet zeggen of je die naar boven of beneden af moet ronden. In de praktijk gebruik ik hier de standard rounding rule van The Gamers voor. Bovendien kun je maar binnen een beperkte afstand nieuwe bevelen geven en een beperkt aantal orders per beurt. Die afstanden en aantallen staan gegeven in het scenario. Tenslotte mogen commandanten in de beurt waarin zij bevelen geven niet bewegen.

Infanterie kan drie formaties hebben: linie (normaal), carré en sommige eenheden (met een jachthoorntje op de counter) kunnen tirailleurs vormen. Bij dit laatste kan een eenheid tot vier hokjes bezetten. Carré's kunnen gedurende de beweging normaal gevormd worden, maar ook als reactie op een cavaleriecharge. Artillerie kan of in stelling of opgelegd zijn voor transport. Normaliter moeten eenheden overigens altijd in naar een hex-punt georiënteerd zijn en kunnen er slechts zes punten vanuit een hokje schieten (je kunt overigens het vuur van verschillende hokjes combineren tot een maximum van 12 punten). Maar voor melees is het natuurlijk weer van belang om zoveel mogelijk troepen in een hokje te douwen. Wat schieten betreft kan infanterie slechts het naast liggende hokje raken, terwijl artillerie tussen de vier en zes hokjes kan schieten (afhankelijk van kaliber). Bij het schieten en de melees tel je het aantal punten en gooi je een dobbelsteen. Natuurlijk zijn er allerlei modifiers op de tabel, maar niets dat al te verbazingwekkend is. Op één ding na: er is geen modifier voor het in de rug aanvallen van een vijandelijke eenheid, zodat ik maar de flank modifier gebruik.

Bij de artillerie is er overigens ook iets vreemds: op twee hokjes afstand schiet de artillerie effectiever dan op één hokje. Ik had gedacht dat die, met canister, op korte afstand nog dodelijker zou zijn, maar misschien hadden de Spanjaarden geen canister...

Cavalerie kan charges uitvoeren, die overigens door vijandelijke cavalerie in countercharges onderschept kunnen worden. Wanneer een cavalerie-eenheid naast een vijandelijke eenheid komt te staan moeten alle eenheden (zowel aanvallers als verdedigers) een morale check maken en eenheden die deze niet halen trekken zich meteen twee hexes terug en zijn óf routed óf disorganised. Wanneer een infanterie eenheid die het doel van een charge is zijn morale check overigens haalt kan hij in carré gaan. Bij shock combat is de gevechtswaarde van een chargerende cavalerie-eenheid overigens verdubbeld. Maar daar blijft het niet bij. Na een charge moet je ook nog gooien of de cavalerie doordraaft (Napoleontische cavalerie was vaak moeilijk om in de hand te houden en dit geldt extra na een charge en al helemaal voor de Britse cavalerie, die berucht was om haar doordraven) en andere naastliggende eenheden aanvalt (hetgeen dan overigens niet als charge telt maar als `gewone' melee).

Wanneer een eenheid een morale check moet maken gooi je op een tabel en je bent óf goed, óf disorganised óf routed. Routed eenheden die melee aangevallen worden, worden automatisch op 5-1 aangevallen terwijl er geen verliezen voor de aanvaller zijn. Opvallend is overigens wel dat de melee tabel relatief bloedeloos is. Op zijn hoogst kun je bij een vijf tegen één aanval één punt verliezen. Alle andere resultaten bestaan uit hokjes terugtrekken.

Voor de verliezen zijn counters bijgevoegd, maar ik werk op dit moment ook aan een logsheet, waarop verliezen bijgehouden kunnen worden.

Er zit een leuke speciale regel bij het spel en die heeft betrekking op de Zwitserse regimenten. Er vochten aan beide zijden Zwitserse troepen en in hun `capitulaties' was er een clausule opgenomen die inhield dat wanneer zij op het slagveld tegenover andere Zwitserse regimenten zouden komen te staan, zij niet zouden vechten. Dat is ook echt gebeurd en er zitten in het spel ook regels voor.

Kortom, het spel slaagt er in om met weinig regels toch een idee van Napoleontische taktieken te geven.

Bij het spel Bailen zitten vijf scenario's, waarvan er zeker drie what-ifs zijn (wat zou er gebeurd zijn als de Fransen versterkingen hadden gekregen, etc.).

Nu is Bailen niet het enige spel met dit systeem. Zo heeft Ludopress een speciaal nummer van Alea uitgebracht met drie andere veldslagen (Alcaniz en Maria uit 1809 en Castalla uit 1813, alle drie veldslagen van de Franse generaal Suchet, en ook in andere afleveringen van Alea zitten scenario's voor dit systeem (de slag bij Medellin in 1809, de slag bij Gamonal in 1808 en de slag bij Tamames in 1809).

Wat de commandanten betreft, zowel Reding als Castanos bleven tegen de Fransen vechten, en Dupont had nadat hij vrijgelaten was, geen commando meer. Maar toen die vervloekte Bourbons aan de macht kwamen benoemden zij hem tot hun minister van defensie.

Conclusie

Dit spel is qua systeem een ideale tussenvorm tussen de simpelheid van het oude Napoleon's Last Battles systeem en de complexiteit van, zeg eens, de la Bataille series van Clash of Arms of de Napoleonic Brigade Series van The Gamers. Daar komt nog eens bij dat het een spel is over een minder bekende slag uit de Napoleontische oorlogen; het is weer eens iets anders dan Waterloo. Ik kan dit spel alleen maar aan alle `grognards' aanraden. Hoewel ik soms twijfel aan de keuze van de onderwerpen. Neem Gamonal. De Spanjaarden probeerden het IIe Korps van Soult tegen te houden, maar slaagden er nog niet eens in het begrip `verkeersdrempel' uit te beelden... Maar de tot nu toe behandelde slagen zijn niet de meest bekende uit dat conflict. Ik ben benieuwd naar een Albuera, een Salamanca of een Vittoria met dit systeem. Een nog een kleine wens... s.v.p. ook een scenario met de Nederlandse brigade er in.''

Hierop pauzeerde de oude brigadier om nog eens een glas wijn te bestellen. ``Aaaaahh, chere Nanette! Als ik jou zie komen de herinneringen weer boven aan de charmante Maria Carolina, gravin van Talavera, die ik uit handen van straatrovers kon redden. Zij was mij bijzonder dankbaar, te meer daar haar oude echtgenoot niet goed meer voor haar behoeftes kon zorgen. En laten we wel wezen, welke vrouw kan nou de prachtige knevel van een debonaire huzaar weerstaan, nietwaar Nanette?'' Waarop de laatste zich met een ``Oh, la la'' omdraaide, en de oude brigadier een scherpe blik toewierp. ``Mag ik je dan herinneren aan de woorden van je grote voorbeeld Lasalle,'' zei ze, ``Un hussard qui n'est pas mort a 30 ans est un jean foutre!''

Grognard

Literatuurlijst


(1) Het merendeel van Dupont's soldaten waren recruten in zogenaamde `Regiments provisoires'. terug

© 2001 Frank van den Bergh