`Rot scheint die Sonne'

Een artikel over Fallschirmjäger van the Gamers

door Frank `Jumper' van den Bergh

Zoals wij allemaal weten werd Nederland op 10 mei 1940 op ruwe wijze wakker geschud uit een periode van meer dan honderd jaar neutraliteit in de wereldpolitiek en werd het land in vijf dagen tijd door het Duitse leger veroverd. Het meest opvallende hierbij was dat er voor de eerste maal een grootschalige inzet plaatsvond van luchtlandingstroepen. Deze landden op verschillende plekken in het westen van Nederland om er strategische doelen te bezetten. Zeker in de eerste paar dagen was de schok van hun plotselinge verschijnen en de verwarring die er uit voortkwam, groot. Maar bezien in het koude licht van de kennis achteraf kan alleen maar vastgesteld worden dat de operatie slechts een gedeeltelijk succes was. Benoorden Rotterdam, rond het regeringscentrum Den Haag, liepen de zaken voor de Duitsers aardig in het honderd en alleen de snelle Nederlandse overgave redde hen van een flinke nederlaag.

Ten zuiden van Rotterdam en in Rotterdam zelf slaagden zij er echter wel in belangrijke bruggen te bezetten en te houden totdat er versterking van grondtroepen kon komen, voornamelijk in de vorm van de 9de Pantserdivisie. Omdat de gebeurtenissen uit de meidagen van 1940 nog redelijk bekend zijn zal ik er verder niet al te veel woorden aan vuil maken.

Grosso modo gesproken bestonden de aanvallers uit twee formaties: de 7de Flieger Division van Kurt Student, die uit vijf bataljons parachutisten bestond en de 22ste Luftlande Division van von Sponeck, welke uit `air-landing' troepen bestaat. Dit is gewone infanterie, welke in transportvliegtuigen ingevlogen wordt. Hiervoor is wel het bezit van een vlieg veld nodig.

Nu hebben The Gamers een spel over deze gevechten in het westen van Nederland uitgebracht in hun Standard Combat Series. De Standard Combat Series zijn, zoals veel lezers al zullen weten, relatief ongecompliceerde spellen, die vooral gemaakt zijn om beginnende spelers een goed systeem te geven om hun eerste ervaringen mee op te doen, maar die tegelijkertijd ook aan de ervaren speler nog iets te bieden hebben, voornamelijk op het terrein van speelplezier dan. Want dat is iets dat kenmerkend is voor de Standard Combat Series, tot nu toe zijn de spellen relatief eenvoudig geweest maar ze zijn nooit simplistisch. Wel gaan alle spellen in de SCS over onderwerpen uit de Tweede Wereldoorlog en later. Dit spel is hier geen uitzondering op. Hoe nu hebben The Gamers zich van deze taak gekweten?

De kaart

Zoals te verwachten viel is de kaart een typische `Gamers' kaart, waarbij de lichte khaki kleur van het open terrein overheerst. Er zijn weinig of geen echte onduidelijkheden bij deze kaart te melden. Wel is het opvallend dat er toch bij de voor buitenlanders moeilijke Nederlandse plaatsnamen een aantal spelfouten staan. Dit is des te opvallender, daar er minstens twee Nederlanders vermeld staan bij `research and map checking'. Maar goed. Een ander opvallend ding is dat de kaart op het eerste gezicht omgekeerd lijkt. Als je de kaart zo draait dat de noordelijke rand boven ligt dan staan de plaatsnamen op zijn kop. Maar dat heeft meer te maken met de rest van de indeling van de kaart. Desalniettemin is het een beetje verwarrend, al was het alleen maar omdat je niet gewend bent om op deze manier naar de kaart van Nederland te kijken.

De counters

Ook de counters zijn zoals wij ongeveer van The Gamers mogen verwachten, namelijk makkelijk leesbaar en niet al te gecompliceerd. De Nederlandse counters zijn voornamelijk compagnieën, die een gekleurde balk hebben om aan te geven bij welke hogere organisatie de compagnie hoort. Bij de Duitsers gaat het om pelotons bij de Fallschirmjäger en compagnieën bij de andere troepen (voornamelijk de airlanding infantry van de 22. Luftlande Division, maar ook versterkingen van de 9de Panzer Division en de Leibstandarte SS Adolf Hitler). De Fallschirmjäger counters zijn aan de rugzijde bedrukt met een plaatje van een parachutist, zodat de Nederlandse speler eerst niet kan zien welke pelotons waar zitten. Dat kan pas na de landing (waarover zometeen meer).

Naast de gevechtseenheden zijn er counters voor leiders en bepaalde strategische doelen in Nederland, die de Duitse speler kan proberen te bemachtigen (Koningin Wilhelmina, generaal Winkelman, de regering, en de Nederlandse goud-reserve in Rotterdam om er maar een paar te noemen). Ook de Duitse speler heeft twee leiders (Student en Sponeck) die natuurlijk ook gevangen genomen kunnen worden (de achterkant van de leider counters heeft overduidelijke tralies om aan te geven dat de leider gevangen is).

Daarnaast zijn er counters voor Nederlandse schepen en marinepersoneel (waaronder natuurlijk de `Zwarte Duivels van Rotterdam' – de mariniers), vliegtuigen en luchtafweer voor beide partijen (toegegeven, er is maar één aan Duitse kant) en Franse en Britse troepen, die gedurende het spel hun opwachting komen maken.

Tenslotte zijn er nog een aantal marker counters, om de Duitse verliezen aan transportvliegtuigen bij te houden, het aantal gescoorde victory points en de beurt. Kortom, allemaal vrij normaal materiaal, niet echt veel bijzonders.

Hoe speelt het?

In een zin: als een rit in een achtbaan! Het spel is er eentje met zeer veel ups en downs en als er ergens een spel is waarin de grilligheid van mevrouw Fortuin getoond wordt dan is het hier wel. Laten wij eens kijken hoe het in elkaar steekt. De beurt begint met de Duitse speler. Die kan om te beginnen eenheden reorganiseren (beschadigde eenheden herstellen) wanneer zij in de buurt van de leider zijn.

Hierop begint de Duitse speler aan zijn Air Phase. Om te beginnen kijkt hij eens hoeveel luchtsteun hij tot zijn beschikking heeft. Daarna voert hij zijn luchtaanvallen uit. Maar alvorens hij kan gooien voor het effect van die luchtaanvallen heeft de Nederlandse speler de kans om zijn luchtafweergeschut te gebruiken. De luchtdoelartillerie die geschoten heeft wordt omgedraaid om aan te geven dat die verder gedurende de beurt niet meer kan schieten. Dan komen we aan het echte werk toe.

Eerst plaatst de Duitse speler zijn paratroepen, dan voert de Nederlandse speler weer beschietingen met zijn luchtdoelartillerie uit (maar alleen met die luchtdoelartillerie die niet al eerder in de beurt tegen de bommenwerpers geschoten heeft). Dan vallen de niet geraakte parachutisten en watervliegtuigen uit de hemel en moet men zien of de parachutisten verspreid raken.

Hierop kan de Nederlandse speler zijn luchtdoelartillerie weer terugdraaien. Dit wordt gevolgd door de bewegingen op de grond (inclusief overrun), barrages, gevechten, exploitatiebewegingen, het controleren van de bevoorrading (na beurt 3; d.w.z. na de 10e mei), het verwijderen van DG markers van Duitse eenheden en bij nachtbeurten het verwijderen van Duitse Air Supply heads.

Dan is de Nederlandse speler aan de beurt. Vanaf beurt drie moet hij eerst gooien om te zien of de Nederlandse schepen zich moeten terugtrekken (bij een 1 of 2 is dit het geval), dan kan hij zijn eenheden reorganiseren en kan hij net als de Duitse speler gooien hoeveel luchtsteun hij krijgt. Op beurt 7 komt er een Britse luchtaanval waar hij ook voor moet gooien. Dan voeren de Nederlandse vliegtuigen hun aanvallen uit en kan de Duitse luchtafweer schieten en daarna weer terugdraaien. Tenslotte voert de Nederlandse speler ook zijn bewegingen en aanvallen uit op dezelfde manier zoals het bij de Duitsers beschreven is.

Zoals altijd het geval is zijn het de speciale regels die het spel de `sjeu' geven. In de eerste plaats zijn er de regels over de luchtsteun en luchtafweer. Luchtsteun wordt behandeld alsof het vliegende artillerie is (zoals de Duitsers het ook zagen). Je plaatst ze in het hokje dat zij moeten aanvallen. Dan vuurt de tegenstander alle luchtdoelartillerie af die hij wil afvuren en die de luchteenheid kan bereiken. Je kunt maximaal 4 anti-aircraft points tegen een vliegtuig inzetten. Dan gooi je een dobbelsteen; gooi je onder het aantal vurende AA punten, dan is het raak en gooi je voor verliezen van de geraakte eenheden wanneer je op JU-52's en parachutisten schiet (1); gooi je erboven dan is het mis. Parachutisten kunnen bovendien verspreid terechtkomen, soms flink ver van de eigenlijke landingsterreinen. Dan vallen de niet geraakte luchteenheden aan: de speler gooit per doel eenheid een dobbelsteen. Gooit hij onder de Barrage rating van de luchteenheid dan is het doel disorganised (en voor elke disorganised eenheid moet gegooid worden of hij steps verliest). Een extraatje hierbij krijgen de Duitse Ju-87 Stuka's: die vallen niet alleen het hokje aan met een barrage rating van 4, maar ook alle omliggende hokjes met een barrage rating van 2.

De tegenhanger van de Duitse luchtsteun wordt gevormd door de Nederlandse artillerie-eenheden. Deze zijn bijzonder krachtig en kunnen zowel een normale als een staande barrage afvuren. Een normale barrage gaat volgens dezelfde procedure als zonet beschreven: je gooit onder de barrage rating voor een DG met mogelijke verliezen. Maar daarnaast kan de Nederlandse artillerie ook standing barrages afvuren. Deze standing barrages kunnen op een hokje geplaatst worden. Zolang die op dat hokje staan worden alle eenheden die dat hokje in bewegen aan een barrage onderworpen. Je kunt zelf wel indenken wat het betekent voor de versterkingen van de Luftlande Division als zo'n standing barrage op een vliegveld ligt dat zij moeten gebruiken... De standing barrage blijft bestaan totdat de Nederlandse speler hem verplaatst of er een Duitse eenheid in slaagt naast de Nederlandse artillerie-eenheid te komen (omdat die dan even iets anders aan hun hoofd hebben).

Hierboven maakte ik al even melding van scattering. Dit is in het spel zeer belangrijk. Wanneer de Duitse speler zijn parachutisten moet laten verspreiden vanwege de luchtafweer wordt er eerst een dobbelsteen gegooid om de richting te bepalen en dan twee dobbelstenen om de afstand te bepalen. Met een beetje pech kan je eenheid dus tot twaalf hexes verwijderd van het doel terechtkomen. Goed, je mag als Duitse speler daarna de eenheid nog drie hokjes verplaatsen, maar dit kan toch tamelijk desastreus zijn, te meer daar je voor elke eenheid gooit die moet scatteren (in mijn eerste spelletje als Duitser mislukte mijn aanval op Waalhaven onder andere omdat de eenheden die hem moesten uitvoeren overal terechtkwamen, maar niet bij de Waalhaven). En na beurt drie is deze scattering automatisch!

Voor air landings is het nog vervelender... Air landings kunnen alleen overdag ingevlogen worden naar vliegvelden die al veroverd zijn. Maar die vliegvelden hebben maar een beperkte capaciteit. Er kunnen maar zoveel vliegtuigen landen... Bij de landing gooi je eerst een dobbelsteen voor het resultaat van eventuele luchtafweer die nog in de buurt is en die de transportvliegtuigen onder vuur kan nemen. Dan wordt er gegooid op de landingstabel om te zien of de transportvliegtuigen heel aan de grond kunnen komen. Deze kunnen echter punten verliezen en scatteren. Natuurlijk kan dit alleen maar verergerd worden door de aanwezigheid van Nederlandse troepen naast het vliegveld, standing barrages (die de grondeenheden na de landing nog eens extra bombarderen!), de aanwezigheid van wrakken op het vliegveld etc. Wanneer een vliegtuig scattert gooi je om te kijken waar het dan landt, op die plek gooi je dan weer op de landing table. Op dit punt is er één van de weinige onduidelijkheden in de spelregels te zien: theoretisch (namelijk als je enen blijft gooien) kun je verliezen blijven lijden en over Zuid-Holland blijven scatteren. Daarom gebruiken wij de regel dat er na één maal scatteren niet meer gescatterd wordt. Overigens worden de verliezen op de air landing table alleen maar geleden door de transportvliegtuigen, niet door hun passagiers (maar die kunnen wel weer een standing barrage op hun kop krijgen...)

Verder zijn er drie pelotons (11de compagnie, 16de Infanterieregiment) van de 22ste Luftlande die met watervliegtuigen ingevlogen worden. Deze kunnen op elk gedeeltelijk zeehokje en groot rivierhokje landen (historisch gezien landden zij bij de bruggen van Rotterdam). Deze landingen zijn altijd succesvol.

In het spel is de bevoorrading bijzonder belangrijk. In de eerste twee beurten zijn zowel de Duitse troepen als de Nederlandse automatisch bevoorraad. De Nederlandse en Franse troepen kunnen supply trekken van een Nederlandse supply source; de Britse versterkingen krijgen hun voorraden van Hoek van Holland. Voor de Duitse speler, en met name voor de luchtlandingstroepen, liggen de zaken ingewikkelder. Op veroverde vliegvelden en op zes dropzones voor afgeworpen voorraden kunnen de Duitsers Air Supply Heads inrichten. Deze supply heads kosten een aantal JU-52 punten, maar als zij eenmaal geplaatst zijn kunnen zij alle eenheden binnen hun supply range bevoorraden. Wel verdwijnen zij automatisch bij nachtbeurten en moeten de volgende dag opnieuw ingericht worden.

Er zijn echter aan het spel een aantal minpuntjes. In de eerste plaats heb ik gemerkt dat de Nederlandse slagorde niet helemaal klopt. Zo zaten er op het eiland van Dordrecht twee artillerieregimenten, die niet in het spel voorkomen. Waarschijnlijk omdat ze historisch in beurt 1 de Duitse para's over zich heen kregen en uitgeschakeld werden voordat ze een schot konden lossen. Maar toch, bij een mogelijke vrije opstelling had ik ze er graag bijgehad... Ook krijg ik de indruk dat er in Scheveningen nog een infanteriebataljon zat (Grensbataljon Grenadiers), dat niet op tafel verschijnt. En de Nederlanders kunnen een extra bataljon altijd gebruiken... Om nog maar te zwijgen over de verkeerde afbeelding van vliegtuigen (voor de Fokker T-V).

Een bijzonder leuke verschijning is een pantsertrein die de Duitsers ter versterking krijgen. Ik heb echter er mijn twijfels over hoe historisch dat is. Voorzover mij bekend is die trein niet al te ver gekomen en heeft hij Rotterdam zeker niet bereikt. Maar ik kan er naast zitten.

Ik heb het spel nu een paar maal gespeeld en kan alleen maar zeggen dat het bijzonder onvoorspelbaar is. Daarom is de herspeelbaarheid van het spel bijzonder groot. De eerste maal dat ik het speelde had ik na de eerste beurt als Duitser al anderhalf van de vijf para bataljons verloren. Auw. ``Hij, de dikke, hij niet blij zijn vandaag...'' De tweede keer slaagde ik er in de Duitsers bij Den Haag te verslaan, maar verloor ik Leiden... De Duitse speler doet er zeer goed aan om de Nederlandse verdediging niet te onderschatten.

Tenslotte nog een trucje. Het is voor de Duitse speler mogelijk om de Koninklijke familie te schaken. De manier om dit te doen is als volgt (dit werkt alleen bij een vrije opstelling): je laat pal naast Huis ten Bosch tenminste twee pelotons para's landen (hexes 52.12, 52.13 en 53.12 en 53.13 bijvoorbeeld). Deze voeren in de movement phase een overrun op de Koninklijke familie uit (die geen ZOC heeft omdat ze slechts een defensieve waarde hebben). Tegelijkertijd landt op het vliegveld Valkenburg onder andere de Duitse Kradschützen compagnie (uitgerust met motoren; wanneer zij niet onderweg neergeschoten zijn). Deze kradschützen rijden via Voorschoten en Veur naar Huis ten Bosch. Wanneer Huis ten Bosch door de para's veroverd is kan de Koninklijke familie in de exploitation phase door de kradschützen naar Valkenburg gebracht worden en dat is dan dat. Wilhelmina zit de rest van de oorlog in Duitsland.

Als er overigens voor de Duitse speler een les uit het spel te trekken is, is het wel deze: richt na de landingen op beurt 1 de verdediging van je doelen in. De Nederlandse tegenaanval kan meteen komen (hoewel niet al te waarschijnlijk in de eerste beurt omdat de Nederlanders dan slechts halve beweging hebben) en is harder dan verwacht. Dat kan je je vliegvelden gaan kosten.

Conclusie

Hoewel het spel een aantal onvolkomenheden heeft moet ik het toch toejuichen. In de eerste plaats omdat het een spel is dat over deze campagne gaat. Het is zelfs opvallend te noemen dat er niet eerder een ander spel over deze strijd verschenen is, terwijl het toch zo'n spannend gevecht is. In de tweede plaats is het een vrij goed spel te noemen, met, zoals al gezegd, een hoge mate van herspeelbaarheid. Dat veel leden van Casus Belli het ondertussen aangeschaft hebben geeft wel aan dat er belangstelling is. Ik twijfel er dan ook niet aan dat het in de toekomst nog wel eens op de club gespeeld zal worden.

Bronnen


(1) Geraakte bommenwerpers gaan gewoon weer terug de doos in en voeren hun aanvallen niet uit. terug

© 2001 Frank van den Bergh