Wisselrollenspel Al Qadim
spelleider: Jennifer
spelers:
Tanya: Sander
Thuriyya: Filip
Yasmin: Daniel
Zaynal: Ellen
Het mysterie van de kinderloze Kalief
deel 1
Mijn naam is Zaynal Bint Sabur, ik ben nu al 10 jaar getrouwd met Kalief Khalil Al Assad, de leider van heel Al Qadim. Ik ben een zeer religieuze Hakima, en ik dacht dat ik mij leven zou besteden aan mijn geloof en daarmee mijn familie zou dienen. Maar 10 jaar geleden was het erg belangrijk voor mijn familie om de banden met de Kalief aan te halen, en dus werd ik uitgehuwelijkt. Ik heb mij toen bij die beslissing neergelegd, en sindsdien dien ik de Kalief met mijn krachten om de waarheid te zien die mij geschonken zijn door de Godin Jisan.
De Kalief heeft ongeveer 30 vrouwen en ik heb de eer om na die 10 jaar nog steeds tot een van zijn favorieten te behoren. Zijn eerste vrouw is Dalilah Al Nakar, de vrouw waarmee hij 30 jaar geleden getrouwd is. Zij is nog steeds zijn grootste favoriet en hij heeft ook jarenlang geen andere vrouwen erbij genomen, totdat hij benoemd werd tot Kalief en veel vrouwen aangeboden kreeg. Het schijnt dat Dalilah het de andere vrouwen in de eerste jaren nogal moeilijk heeft gemaakt, maar daar weet ik weinig van, want ze begint nu aardig op leeftijd te raken.
De tweede vrouw van de Kalief, is de dochter van zijn broer, Tanya Bint Tannus. Omdat de broer van de Kalief een zeer rijk en machtig man was, heeft Tanya ook een belangrijke rol in de harem, maar ze is dan ook al 20 jaar zijn vrouw. Daarna ben ik zelf de belangrijkste vrouw van de Kalief. Mijn familie is zeer invloedrijk en hoewel ik niet een van de meest aantrekkelijke vrouwen ben in de harem(mijn gewicht zit me niet mee), bezoekt de Kalief mij graag. Hij legt mij vaak vraagstukken uit de politiek voor en neemt mijn advies heel serieus, omdat ik als geen ander waarheden van onwaarheden kan onderscheiden.
Alle andere vrouwen zijn minder belangrijk; de Kalief heeft een bezoekcyclus van 15 dagen, met als eerste natuurlijk Dalilah, daarna Tanya en een erg knappe vrouw, dan ik en dan maakt hij de rest van de 14 dagen vol met nog meer aantrekkelijke vrouwen of kleine favorieten, en de 15e dag maakt een van de onbelangrijke vrouwen kans op zijn aandacht.
Op een ochtend van de 1e dag, komt een slavin mij wekken met het bericht dat ik in Dalilah's kamer verwacht word. Aangekleed daar aangekomen, tref ik Tanya en nog 2 vrouwen die ook door Dalilah zijn ontboden: Thuriyya Al-Kadari en Yasmin Al Dalma, beiden recentere vrouwen van de Kalief, en kleine favorieten van hem. Thuriyya is een wat primitieve priesteres uit een van de buitenste provincies van het land, ze is nog jong en erg knap. Yasmin is de meest recente aanwinst in de harem, en de enige elf. Er gingen geruchten dat zij de Kalief al kende voordat hij getrouwd was met Dalilah, en ik ging ervan uit dat dat best mogelijk was.
We kloppen aan en worden binnengelaten in Dalilah's luxueuze vertrekken, vol met dikke tapijten, zachte kussens, geduldige dienaressen en prachtige sieraden. Dalilah is inderdaad al wat ouder aan het worden, maar het is nog steeds te zien waarom de Kalief als een blok voor haar gevallen is. De lijntjes van het ouder worden hebben haar gezicht meer karakter gegeven, maar ze is nog steeds beeldschoon.
Ze beduidt ons te gaan zitten en haalt uit haar mouw een gouden belletje tevoorschijn, waarmee ze klingelt zonder dat er geluid uit komt. Het geklater van de fontein op de binnenplaats verstomt en opeens is het doodstil om ons heen.
"Ik heb jullie ontboden omdat jullie tot de Kaliefs meest geliefde en wijze vrouwen behoren." Begint Dalilah ons te vertellen. "Zoals jullie weten, heeft de Kalief nog steeds geen kinderen, noch ik, noch jullie, noch de andere vrouwen van de harem of zelfs de affaires die hij heeft gehad hebben hem nakomelingen geschonken. Nu de Kalief de 50 gepasseerd is, begint dit zorgelijk te worden; hij houdt zich de laatste tijd steeds meer bezig met dit probleem en steeds minder met het regeren van het land. Gelukkig dat zijn neef Makin, Tanya's broer zo goed is om de taken die onze geliefde Kalief verwaarloost op zich te nemen. Maar als er niet snel een opvolger komt, zal er chaos ontstaan in het land. Ik ben ervan overtuigd dat er meer achter de onvruchtbaarheid van de Kalief zit dan de hofarts zou kunnen aantonen. Ik wil graag dat jullie uitzoeken wat er aan de hand is; wie ervoor zorgt dat er geen kinderen komen, hoe en waarom. Ik hoop dat jullie begrijpen dat jullie dit alles strikt geheim moeten houden, om het uitbreken van nog meer chaos te voorkomen."
Yasmin buigt wat verder naar ons toe. "Daar heb ik misschien nog wel een interessant feit aan toe te voegen." Ze kijkt om zich heen en gaat verder: "Ik weet namelijk toevallig dat er een paar minder belangrijke vrouwen wel eens het paleis uit zijn geslopen voor een ontmoeting met een knappe masseur..."
Alle vrouwen in de kamer staren haar geschokt aan, maar zij gaat onverstoorbaar door met een nog ongelofelijkere onthulling: "...en ook deze vrouwen zijn niet zwanger geworden."
Het blijft een tijdje stil om dat alles tot ons door te laten dringen. Dan vraagt Thuriyya of het misschien een tijdelijke oplossing is om een van de zonen van Heer Makin tot opvolger te benoemen. Dalilah geeft toe dat hier inderdaad over nagedacht is, maar er is een langlopend conflict geweest met Tannus, de vader van Heer Makin, en als nu een van zijn zonen als opvolger benoemd zou worden, zou er ruzie ontstaan als dit later weer ongedaan zou worden gemaakt. De Kalief vindt zelf dat het probleem nog niet acuut genoeg is voor zo'n oplossing, hij wil eerst echt alles geprobeerd hebben om zelf een zoon te verwekken.
Dalilah maakt ons duidelijk dat het bezoek over is, en wij verlaten haar kamers. Op de gang begint er meteen verwoed overleg; als het niet aan de Kalief ligt, maar aan al zijn vrouwen, dan moet dit zeker verder uitgezocht worden. Iemand suggereert dat er misschien iets in het eten zit, en meteen besluiten we om allemaal samen naar de keuken te gaan om de kok te ondervragen.
Yasmin vertelt de mamlukken (vrouwelijke soldaten in Xena-outfits) bij de uitgang van de harem precies hetzelfde als de kok: wij zijn de keukencommissie en wij komen klagen dat we het eten zo eentonig vinden de laatste tijd. Ik vraag de kok vriendelijk of hij misschien ideeën van andere mensen heeft aangenomen over wat er in het eten moet. Hij is erg zenuwachtig dat er vrouwen uit de harem komen klagen over zijn eten, en hij stelt voor om ons de hele keuken te laten zien, om ons gunstig te stellen. De keuken is erg groot, en dat moet ook wel, want het hele paleis, de Kalief, zijn neef en zijn hele familie, de harem en alle dienaren en soldaten moeten hiervan eten. Met mijn krachten kan ik alleen zien dat de kok zich van geen kwaad bewust was en erg zenuwachtig word van al onze vragen. Ook vinden Yasmin en Thuriyya geen vreemde of giftige kruiden in misplaatste potjes. Ergens in de keuken zijn we Tanya kwijtgeraakt, maar ze komt ons alweer snel achterna als wij de keuken verlaten en de kok ons verzoek ingewilligd heeft om eens wat meer vis en falafel te serveren. Tanya begreep van de hulpjes in de keuken dat alles goed beveiligd is en dat de Kalief enkele voorproevers heeft. Leuk geprobeerd, maar dood spoor.
Weer terug in de harem beginnen we meteen weer nieuwe plannen te smeden. Het is misschien een idee om de hofarts te ondervragen, en ook de kapitein van de harembewakers en de grootvizier zouden belangrijke informatie kunnen hebben. Deze keer zouden we niet als een kudde kamelen iemands kantoor binnenstormen, dus we verdelen de taken. Yasmin zal naar de hofarts gaan, Tanya naar de kapitein, ik naar de grootvizier en Thuriyya zal de harem nog eens goed doorzoeken.
De grootvizier is een vrouw genaamd Sitt Naima, een oude lerares van de Kalief. Ik vraag haar hoe hij de laatste tijd omgaat met zijn professionele afspraken en zij vertelt me dat hij vooral zijn ontmoetingen ver buiten het paleis verwaarloost. Zo komt het dat de discipline van de soldaten in de plattelandsgebieden lakser aan het worden is en er daar steeds meer chaos ontstaat Dit is nu al in de hoofdstad te merken omdat bepaalde producten niet meer te krijgen zijn. Ik vraag nog of de Kalief iemand raadpleegt over het feit dat hij nog steeds geen kinderen had, maar hier weet de grootvizier niets van. En op mijn vraag of iemand ontevreden of juist tevreden is met de huidige gang van zaken, weet ze me alleen Heer Makin te noemen, die erg in zijn sas is met al het regeerwerk wat hij nu mag doen. Ik zie aan Sitt Naima dat ze oprecht bezorgd is over de situatie en niets achterhoudt. Ik bedank haar vriendelijk en keer terug naar de harem.
Yasmin vertelde dat ze de dokter had laten kijken naar een van haar oude lidtekens; een pijlpunt die nog steeds in haar schouder zat. Een vriendelijke dwerg met een hele sterke magneet had al eens aangeboden om hem eruit te halen, maar ze had dit aanbod afgeslagen. Bij vochtig weer deed het nog steeds pijn en ze vroeg de arts om een zalfje. Toen de dokter opeens werd weggeroepen omdat er iemand van de trap gevallen was, zag zij een mogelijkheid om een spell te casten waarmee ze zijn gedachten zou kunnen lezen. Toen hij weer terugkwam en Yasmin hem kon ondervragen, kwam ze er alleen achter dat de Kalief en al zijn vrouwen gezond waren en dat de hofarts het heel tragisch vond, maar niets kon doen aan een onvruchtbare Kalief.
Tanya bezocht de kapitein van de mamlukken Jamila en vroeg haar of er misschien onregelmatigheden in de bewaking waren geweest de laatste tijd, of er bedreigingen waren geweest of verdachte dingen waren gebeurd. Jamila reageerde zeer beledigd dat er gesuggereerd werd dat zij haar werk niet goed deed, en maakte hiervan een aantekening voordat Tanya weer vertrok, zonder wijzer te zijn geworden.
Thuriyya deed een onverwachte ontdekking op de binnenplaats van de harem; ze stond de fontein te bestuderen, toen ze een minder belangrijke vrouw genaamd Warda in het trappenhuis zag verdwijnen, maar deze niet boven aan de trap weer tevoorschijn zag komen. Na het volledige trappenhuis doorzocht te hebben, met als excuus dat haar ring van de trap was gevallen, stuitte ze op een geheime trap naar beneden. Ze is toen meteen teruggekomen om ons te waarschuwen.
Gezamenlijk besluiten we om te wachten tot na het avondeten om te zien waar de trap heen leidt. Het trappenhuis is vlakbij Tanya's kamer en Thuriyya kijkt haar beschuldigend aan omdat ze nooit iets door heeft gehad. Warda is tijdens het eten nog steeds niet terug gekomen, dus als de harem weer wat rustiger wordt, begeven wij ons naar de geheime trap. Yasmin heeft zich om de een of andere reden verkleed als man, en dit is zeer geloofwaardig. De trap leidt ons naar een oude, vieze keldergang, smal en vol met spinnenwebben. In het stof op de grond zijn duidelijk veel recente voetstappen te zien. Na ongeveer een kilometer lopen, komen we uit bij een deur, die ons brengt in de huiskamer van een verlaten huis in een bescheiden wijk van de stad. Leegstaande huizen zijn hier niet ongewoon, maar het feit dat ze geheime gangen naar het paleis bevatten wel. In de gang vinden we op de grond een simpele koperen ring, die we goed bewaren, omdat het bewijs is. Yasmin vertelt ons dat Warda wel eens een van die vrouwen met een vriendje buiten het paleis zou kunnen zijn. In haar vermomming als man kijkt ze in het kort even rond in de buurt, maar het is niet te zeggen wanneer Warda terug zal zijn. We besluiten haar te ondervragen als ze terug is, en begeven ons naar bed.
De volgende ochtend aan het ontbijt heeft Warda wallen onder haar ogen en ze heeft die voldane blik die wij allemaal zo goed kennen. Ik vraag haar of ze even tijd heeft om met ons te praten, en ze verteld dat ze zo slecht geslapen heeft vannacht, en dat ze vanmiddag nog maar een tukje zal doen.
"Ik neem aan dat je ook veel lekkerder geslapen had als je in je eigen bed had gelegen." Zeg ik tegen haar. Ze kijkt ons niet begrijpend aan. Thuriyya vertelt hoe ze Warda gisteren zag verdwijnen, en dat wij de gang ook hebben ontdekt. Ik beloof haar dat we voorlopig aan niemand doorvertellen dat ze een vriendje heeft als ze ons vertelt wie er nog meer weet van de geheime gang.
"Nog een vrouw in de harem, en mijn vriendje is maar 1 keer hier geweest."
"Als je je vriendje lief hebt, laat je hem hier nooit meer komen," waarschuw ik haar. "Want je weet dat hij onthoofd wordt als hij hier wordt gesnapt."
Warda weigert ons te zeggen wie haar van de gang heeft verteld. Mijn krachten vertellen mij alleen dat ze liegt als ze zegt dat ze de gang zelf heeft ontdekt en Yasmin's spreuk onthult alleen dat Warda banger is van de persoon die haar de gang heeft laten zien, dan van het zwaard wat haar boven het hoofd hangt als wij bekendmaken dat ze een vriendje heeft. Dan spreek ik mijn command spreuk uit en dwing haar het ons te vertellen. Warda vertelt dat ze verliefd werd op een bezorger aan het paleis, en ze was zo wanhopig, dat ze alles zou doen om hem te zien. Tanya vertelde haar van de gang, die ze sindsdien gebruikt heeft om haar vriendje te bezoeken.
Ik kijk Tanya verontwaardigd aan en eis te weten waarom ze ons dit niet eerder heeft verteld.
"Het leek me niet zo belangrijk." antwoord ze droog.
Er ontstaat een verhitte discussie. Ik probeer me in te houden, maar mijn stem is toch nog erg luid als ik haar vraag of er misschien nog meer 'onbelangrijke' details zijn die ze ons wil vertellen, maar Tanya zegt van niet. "Heeft er misschien nog iemand een onthulling te doen?!" roep ik.
Yasmin kucht en geeft schoorvoetend toe dat zij alleen met de Kalief getrouwd is omdat hij haar vroeg om uit te zoeken waarom hij nog steeds geen kinderen heeft. Het gekke is dat hij sindsdien nooit meer aan haar heeft gevraagd wat ze ondertussen heeft ontdekt.
Dit feit is zo onverwacht, dat ik enigszins kalmeer, maar we zijn nog steeds geen stap verder in het ontrafelen van dit mysterie. Yasmin stelt voor dat we zouden kunnen doen alsof een van ons zwanger is, ze weet wel kruiden die ongesteldheid kunnen voorkomen en ochtendziekte kunnen nabootsen. Dit lijkt mij een fantastisch idee, want wie er ook probeert te voorkomen dat de Kalief kinderen krijgt, hij wordt vast nerveus als er toch een vrouw zwanger blijkt te zijn. Unaniem wijzen we Tanya aan als vrijwilligster, omdat ik waarschijnlijk zal worden gevraagd om te verifiëren of ze wel echt zwanger is, en Yasmin en Thuriyya minder geschikte kandidaten zijn om een troonopvolger te baren. (plus, als Tanya op deze manier iets overkomt, ben ik de 2e vrouw van de Kalief en Dalilah is te oud om kinderen te baren. Dat zou alleen maar Tanya's verdiende loon zijn als ze expres informatie achterhoudt en ons niet helpt met het onderzoek)
Morgen is het Tanya's beurt om de Kalief te ontvangen, dan kunnen we meteen ons plan ten uitvoer brengen.
deel 2
Het is vandaag de 3e dag, en dus is Tanya aan de beurt om de Kalief te ontvangen. Aan het ontbijt laat ze ons weten dat hij de hele dag met haar zal doorbrengen en dat ze van plan is om hem te vertellen dat ze zwanger is. Na het ontbijt besluiten Yasmin, Thuriyya en ik dus om mee te gaan met het groepje vrouwen dat vandaag gaat winkelen, zodat we de benodigde kruiden om een schijnzwangerschap op te wekken in huis hebben.
Het groepje dat gaat winkelen bestaat uit 8 vrouwen, die ieder worden vergezeld door een mamlukse krijger, maar even goed wordt er gezellig gekletst. We komen aan op de souk en beginnen leuk kraampjes te snuffelen naar snuisterijtjes, snoepjes en andere dingen.
Een eindje verderop staat een religieus uitziende man op een kistje te prediken; het gaat slecht met het land vanwege al het moreel verval, er is veel te veel criminaliteit en armoede. Wij mengen ons een beetje in de luisterende menigte. De fakir schrikt een beetje van de mamlukken, maar vervolgt dan zijn relaas: we moeten terug naar de leringen naar de Profetes, alleen overgave aan de Goden zal ons terugbrengen naar het goede pad en orde in het land herstellen. Ik luister naar het instemmend gemompel van enkele vrouwen in de menigte en meng mij in het gesprek De vrouwen gaan helemaal over hun toeren als ik ze vertel dat het me erg veel zorgen baart en dat ik het er binnenkort met de Kalief zelf over zal hebben.
"Denk je in! Sta ik hier zomaar met de vrouw van de Kalief de praten, Bea! Dat had ik echt niet verwacht! Nee, want ik zei laatst nog tegen Bea, ik zeg, Bea, zeg ik..."
Ondertussen kunnen Thuriyya en Yasmin ongemerkt en zeer onopvallend naar een kruidenkraam om daar wat spulletjes aan te schaffen. De mamlukken die met hen meelopen weten het verschil nog niet tussen madeliefjes en nachtschade dus niemand zal ons plan doorhebben. Daarna gaan we gewoon gezellig meedoen met de andere vrouwen en nog meer snuisterijen kopen. Thuriyya blijft staan bij een kraam met nomaden producten van haar stam, en vraagt hoe het gaat aan de verkoopster. Deze vertelt dat het leven in de buitenste regionen van het rijk wel erg gevaarlijk is geworden door al het toegenomen banditisme. Vroeger had ze nauwelijks wachten nodig om haar karavaan te beschermen, en nu is ze blij als de helft van haar vracht heel aankomt op de plaats van bestemming.
Al wandelend over de souk, zien we ook steeds meer mannen op kistjes die de mensen staan toe te spreken, allemaal met hetzelfde verhaal. Impliciet beschuldigen ze de Kalief ervan dat hij het land niet goed leidt, want hij zou een moreel leider moeten zijn. Ik zal het er nog eens met hem over hebben op de 8e dag als ik aan de beurt ben.
Opeens wordt ons clubje staande gehouden door enkele paleiswachten die ons bevelen om meteen terug naar de harem te komen. Thuriyya, Yasmin en ik kijken elkaar veelbetekenend aan. In de harem treffen wij de Kalief in een wel heel erg goede bui. Hij neemt Yasmin en mij mee naar Tanya's kamer en vraagt ons haar te onderzoeken, want ze heeft hem verteld dat ze zwanger is. Yasmin haalt een eng uitziend instrument uit haar mouw en vraagt de Kalief om even buiten te wachten. Hij trekt zich waardig terug en Yasmin steekt het ding weer weg. "Het maakt altijd zo lekker indruk op de mannen."
Wij overhandigen Tanya de kruiden en Yasmin instrueert haar over hoe ze die in moet nemen. Dan roepen we de Kalief er weer bij om hem te verkondigen dat Tanya inderdaad zwanger is, wat hij meteen bekend maakt aan de hele harem. De harem is meteen in rep en roer, iedereen probeert te doen alsof ze blij zijn voor Tanya, maar de jaloezie is duidelijk aanwezig, zelfs ik voel een groene steek als de Kalief haar prijst over wat een goede vrouw ze is voor hem. Ook is er opeens hoop onder de vrouwen; als er 1 zwanger kan worden, dan kunnen anderen het misschien ook. Er gaan natuurlijk al meteen roddels dat Tanya misschien wel een affaire heeft en dat ze misschien wel te oud is voor kinderen en hopelijk een miskraam krijgt. Ik houd wijselijk mijn mond.
Onderling spreken we af dat Yasmin Tanya in de gaten zal houden, voor als iemand haar iets aan wil doen, terwijl Thuriyya en ik onze ogen open houden naar mensen die zich opeens verdacht gaan gedragen. De dag eindigt in veel feestgedruis, maar wij proberen een oogje te houden op Tanya's veiligheid. Naast het grote aantal mamlukken dat ons beschermt, zijn er gelukkig ook nog een aantal genies om de harem te bewaken. Als het goed is zitten er 3 marits in de fontein en 3 djinns in de verschillende windorgeltjes die in de binnenplaats hangen. Voor het slapen gaan cast Yasmin alarm op Tanya's deur, maar de nacht verloopt rustig, afgezien van die gek die om 4 uur opeens vuurwerk afsteekt en iedereen wakker knalt.
De volgende dag draagt Yasmin een donkere bril en een bordje dat iedereen maant om zo stil mogelijk te zijn bij haar in de buurt; ze was nooit zo vroom. Als ze de alarm spell van Tanya's deur heeft verwijderd en haar naar het ontbijt begeleidt, worden ze aangevallen door een hysterisch jaloerse vrouw met een mes, die schreeuwt dat zij het kind van de Kalief had moeten baren in plaats van Tanya. Yasmin cast scare op haar en met een ijselijke gil valt ze flauw. Yasmin komt niet meer bij van de koppijn, maar verder is iedereen ongeschonden. Aan het ontbijt zijn alle vrouwen nieuwsgierig over wat er nu eigenlijk is gebeurd en veel van hen slijmen bij Tanya dat zij niet jaloers zijn en juist erg blij voor haar zijn.
Na het ontbijt bezoeken Thuriyya en ik de hysterische vrouw in de kerker onder bewaking van kapitein Jamila. Het is een van de minder belangrijke vrouwen uit de harem, en ze mompelt alsmaar dat ze Tanya nog wel zal krijgen. Ziet eruit als niets meer dan simpele jaloezie. Ik bedenk me natuurlijk ook dat als iemand Tanya echt iets aan had willen doen, dan hadden ze iets beters bedacht dan een hysterische vrouw met een mes.
Tanya kondigt aan dat ze op bezoek gaat bij haar broer om het met hem te hebben over het blijde nieuws. Yasmin biedt aan om mee te gaan, maar 2 mamlukken lijken Tanya toch wel genoeg bescherming; het is haar broer, geen rover. Toch geeft Yasmin Tanya een magische hoorn mee, zodat als er iets met haar mocht gebeuren, dat wij haar dan altijd zouden kunnen vinden. Zodra ze weg is, roept Yasmin ons erbij. Ze cast eerst locate object op de hoorn, en dan clairaudience. Wat we dan te horen krijgen, maakt mij laaiend van razernij:
Tanya's broer is blij verrast met het nieuws van haar zwangerschap, maar wijst haar er wel op dat dit de voortgang van de lijn van de Kalief verzekert, misschien wel voor heel lang. Daarop vertelt zij hem de volledige strekking van de schijnzwangerschap en ze lachen er samen hartelijk om. "Ons plan lijkt te gaan slagen. Niemand zal erachter komen wie ervoor zorgt dat de Kalief geen kinderen krijgt."
Ik kan mezelf niet meer inhouden van woede, maar ik ben te wijs om naar haar toe te gaan om haar te beschuldigen; we hebben nog helemaal geen bewijs. Yasmin biedt mij een glaasje sterke drank aan om te kalmeren en Thuriyya vertelt dat ze Tanya's kamer heeft doorzocht. Ze vond er weinig anders dan bergen make-up en de onaangeraakt kruiden, dus dat levert ook al niets op.
Tanya is zich niet bewust van het feit dat wij haar gehoord hebben, dus wij besluiten ons voorlopig van de domme te houden, totdat we meer bewijs boven tafel kunnen krijgen. Tanya's broer staat misschien wel aan het hoofd van een grote religieuze fractie en die willen we niet op ons dak krijgen. Hen volledig ontmaskeren lijkt de enige manier.
deel 3
Het is dag 4 van het roulatieschema; Yasmin, Thuriyya en ik staan nog te bekomen van de waarheid, als we ons realiseren dat Tanya wel snel terug zal zijn. Als we weer met zijn vieren zijn, stel ik voor om nogmaals een ondervraag rondje te doen bij de verschillende autoriteiten in het paleis. Tanya vertelt dat ze haar broer op de hoogte heeft gesteld van het plannetje, wat wij natuurlijk afkeuren omdat we hadden afgesproken om het geheim te houden. Ik verzeker Tanya nog eens dat we goed op haar zullen passen en haar geen moment alleen zullen laten.
Het is tijd voor het avondeten, daarna ga ik nog eens bij Sitt Nayma op bezoek en Thuriyya wil een diepgaand onderzoek openen om de ingrediënten van onze badspullen te achterhalen. Ze mag hiervoor Yasmin's bescheiden laboratoriumpje gebruik maken, want deze zit namelijk bij Tanya op de kamer poëzie te lezen en te schrijven, nadat ze onder het bed heeft gekeken of er "baddies" zaten.
Met Sitt Nayma heb ik het over de relatie tussen de Kalief en Makin iben Tannus; ik vertel haar dat deze misschien weer problemen kan gaan maken, nu de Kalief een opvolger krijgt. Daar had ze nog niet aan gedacht. Ook vertel ik haar van Yasmin's reden om met de Kalief te trouwen, en zijn vreemde onverschilligheid. Sitt Nayma zegt dat die onverschilligheid waarschijnlijk is begonnen een half jaar voordat Yasmin erbij kwam, en sindsdien alleen maar erger is geworden. Ze ziet er verder niets verdachts aan. We zijn het erover eens dat Tanya nog wel gevaar loopt, misschien zelfs van buiten af. Ik vraag haar naar de bewaking van het paleis, en of eventuele geheime gangen ook bewaakt worden. Van deze vraag wordt ze een beetje verontwaardigd, dus ik sluit het gesprek af met het feit dat ik alleen maar bezorgd ben, maar me verder nergens mee wil bemoeien. Met wat ze me verteld heeft, wil ik eigenlijk meteen naar Yasmin, maar in Yasmin's kamer tref ik Thuriyya, die niets ongewoons heeft kunnen vinden, noch in onze zeep, noch in de make-up of parfum, noch in onze kleren.
We piekeren koortsachtig verder over de oorzaak van de Kalief's onverschilligheid. Misschien geen toverspreuk maar een meer psychologische invloed van iemand. Dalilah? Tanya? Of haar broer?
Rond middernacht komt Yasmin terug en iedereen is wat aangeschoten, omdat Tanya en Yasmin het gezellig hebben gemaakt, en Thuriyya en ik een mooie fles onder Yasmin's bed hebben gevonden. Met zijn drieën gaan we het verhaal nog één keer na: De Kalief en Tannus waren neven, Tannus was een vrome man, wat jonger dan Khalil terwijl deze juist nogal een losbol was, die graag ging avonturieren. Khalil werd toch Kalief, en dit mondde uit in een machtsstrijd tussen die twee, met de bijbehorende achterbakse streken, waaronder maar één moordpoging. Tannus overleed ongeveer vijf jaar geleden en zijn zoon Makin, legde het weer bij met de Kalief. We kunnen er vanuit gaan dat Tannus een natuurlijke dood is gestorven, anders was er wel een diepgaand onderzoek geweest of was hij geresurrect.
Yasmin gokt dat Makin misschien zijn vader heeft vermoord om weer dichter bij de Kalief te kunnen komen en te voorkomen dat deze kinderen zou krijgen. Ik denk eerder dat de Kalief de schuld was van Tannus' dood en dat Makin de Kalief hiervoor terug wil pakken. Hier delibereren we nog even over voor het slapen gaan.
De ochtend van dag 5 worden we gewekt door de alarm spell op Tanya's deur, die met een hels lawaai afgaat. Als ik aan kom gehold in mijn nachtpon, zie ik Yasmin in wijde pyjama en Thuriyya in nachtpon een gemaskerde figuur te lijf gaan, terwijl Tanya hevig bloedend tegen de muur staat gedrukt. Achter mij aan komen 3 djinns die de aanvaller tot moes slaan. Yasmin heeft een kleine wond aan haar schouder, maar Tanya ziet er veel erger uit, dus Thuriyya en ik casten cure light wounds op haar. Meteen is de hele harem min rep en roer. Terwijl kapitein Jamila de djinns ondervraagt naar het voorval, cast ik speak with dead en vraag de aanvaller door wie hij gestuurd is en hoe hij binnen gekomen is. Hij antwoordt dat hij gestuurd is door de gezanten van Kor de Oude en dat hij is binnengekomen door middel van een spreuk. Jamila ondervaagt ook ons; de aanvaller is een man, prof moordenaar, ingehuurd door priesters van Kor de Oude om Tanya te doden, en wij kwamen haar meteen helpen, omdat we zulke goede vriendinnen zijn. Yasmin zat gisteravond nog met haar te borrelen.
Jamila geeft orders dat Tanya moet verhuizen naar de vertrekken van de Kalief, waar ze veel veiliger zal zijn. De harem zal verscherpte bewaking krijgen (wat erop neerkomt dat wij ook niet meer naar buiten mogen) en er zal een onderzoek worden ingesteld naar waarom de priesters van Kor de Oude de moeder van het kind van de Kalief willen vermoorden.
Wij speculeren dat het mogelijk is dat de afgezanten van Kor bij Makin horen, maar dat het ook kan zijn dat ze simpelweg militant zijn tegenover de slechte regering van het land de laatste tijd en dat ze vanuit deze redenen aanvallen. Tanya zondert zich af om met Jamila te praten, maar wij weten niet waarover.
deel 4
Terwijl Tanya omringd door soldaten wordt afgevoerd in de richting van de vertrekken van de Kalief, Beginnen de mamlukken (zoals rechtgeaarde macho's) compensatie-gedrag te vertonen, door iedere doorgang en iedere spleet in de muur te bewaken. Voor Tanya's kamer staan er twee, en Thuriyya fluistert mij in dat ze graag nog een kijkje in Tanya's spullen had willen nemen. Ik stuur haar terug naar Yasmin's kamer en zeg dat ik daar zo ook zal zijn.
Met pijn in mijn hart doe ik een charm spell op de mamluk genaamd Zaida, wetende dat deze nu minstens 3 weken lang mij als haar beste vriendin zal beschouwen. Als ik haar vertel dat Tanya mijn lippenstift heeft geleend en dat ik die graag wil opzoeken in haar kamer, laat ze me snel binnen. Een stel slavinnen heeft al heel snel bijna alle frutsels die in de kamer rondslingerden ingepakt in kleine fruitkratjes. Ook Tanya's kaptafel is leeg. Als de slavinnen even niet kijken, cast ik detect magic en neem ik de enige krat die begint te glimmen mee.
Als Thuriyya en ik deze krat in Yasmin's kamer uitpakken, blijkt dat deze inderdaad gevuld is met make-up. Maar alleen een bepaalde paarse lipstick, die Tanya inderdaad vaak droeg, is magisch. Op dat moment komt Yasmin terug van de hofarts, met haar arm in het verband. Ze cast identify op de lipstick en zit er een tijdje naar te staren. Ze heeft nog nooit zoiets gezien, vertelt ze, en ze heeft ook geen enkel idee wat het precies doet. Het enige wat ze met zekerheid kan vertellen, is dat iedereen die dit ook maar 1 keer opdoet, permanent onvruchtbaar wordt. Spontaan krijg ik de neiging om het spul te verbranden, maar ik bedenk me, want als iemand deze substantie kan maken, dan kan hiermee misschien juist ook een soort van tegengif gemaakt worden.
Thuriyya vraagt zich hardop af of andere leden van de harem misschien ook dit soort lipstick in huis hebben, en prompt cast ik detect magic en ga ik met de smoes dat ik mijn magische ketting kwijt ben, zo snel mogelijk, zoveel mogelijk kamers van andere dames langs. Na 12 kamers is de spell uitgewerkt, ben ik bekaf en heb ik niets magisch in de kamers gezien. Het kistje met Tanya's make-up, wordt weer teruggegeven aan Zaida, en we spenderen de rest van de middag aan overleg.
Het gestamp van mamlukken verstoort de rust in de harem een beetje, en iedereen voelt zich wat ongemakkelijk. Thuriyya merkt op dat de geheime gang in het trapgat ook bewaakt wordt. Na lang overleg besluiten we dat we nog niet een van de schuldigen kunnen confronteren, maar we kunnen wel bij Dalilah op bezoek om te rapporteren wat we tot nu toe hebben gevonden. Thuriyya is bang dat Tanya nog meer enge poedertjes heeft, maar Yasmin stelt haar gerust dat die lippenstift is gemaakt door een groot tovenaar of priester, dat zou Tanya nooit zelf hebben gekund.
Bij Dalilah aangekomen, rinkelt zij weer met het stille belletje, zodat wij rustig ons verhaal kunnen vertellen, zonder dat iemand anders het hoort. Ze is hevig geschokt door alles, de zwangerschap die niet echt is, Tanya, een verraadster... Ze ziet ook in dat we Tanya en Makin niet zomaar kunnen ontmaskeren. Ze vertelt dat Makin inderdaad banden heeft met Kor de Oude en ook met andere moskees. Zo kan hij als hij wil een heel leger huurlingen oproepen en hij heeft ook al eens geprobeerd de mamlukken te infiltreren. Het lijkt haar het beste als we proberen uit te zoeken waar de lipstick vandaan komt, terwijl zij de Kalief van alles op de hoogte zal stellen.
De dag gaat voorbij en op de ochtend van de 6e dag wordt iedereen gewekt door het ijselijke gegil van een slavin. Tegen de tijd dat ik buiten sta, zie ik een grote menigte om de kamer van Dalilah staan, en ik vrees het ergste. Mij naar voren wurmend, met behulp van Zaida, zie ik een vreselijk schouwspel, overal bloed en het lichaam volledig uiteen gereten. Ik had veel van Tanya verwacht, maar dit niet.
Snel cast ik speak with dead en vraag aan Dalilah wie ze denkt dat haar heeft vermoord en of ze al kans heeft gehad om alles aan de Kalief te vertellen. Ze antwoord dat het iemand geheel in het zwart was, en dat ze de Kalief nog niet heeft gezien.
Op dat moment buldert buiten een mannenstem dat hij eist zijn vrouw te zien. Ik spurt meteen naar buiten en probeer hem tegen te houden, hem alsmaar zeggend dat hij haar zo niet wil zien, maar ik kan hem niet tegenhouden. In de kamer aangekomen staart hij geschokt in het rond en stort huilend in. Ik blijf troostend bij hem zitten, juist op momenten als deze heeft mijn kalief mij nodig.
Ondertussen probeert Thuriyya uit te vinden hoe de aanvaller is binnengekomen, en Yasmin cast detect magic op de Kalief. Hij is inderdaad onder invloed van een erg ingewikkelde spreuk. Ik cast dispel magic op de Kalief en hoop dat hij zich beter gaat voelen, want hij ligt nog steeds hysterisch te huilen in mijn armen. Yasmin kaffert de bewaking uit, want hoe konden ze dit in hemelsnaam laten gebeuren? Langzaam dringt het tot me door dat Tanya nu de hoofdvrouw is, en ik kan me niet bedwingen dat ik met de Kalief meehuil. Yasmin cast locate object op de lippenstift en begint een lange wandeling over de kasteelgronden te maken, begeleid door Gadija de marit, om te vinden waar Tanya dat spul vandaan haalt.
deel 5
Diezelfde dag nog, wordt de harem binnengevallen door een grote groep mannelijke soldaten, geleid door de kapitain van de wacht en de hofmagier Jasfer. Het onderzoek naar de moord op Dalilah wordt zeer serieus genomen, en alle vrouwen worden een voor een ontboden in Tanya's kamer, dat het hoofdkwartier van dit onderzoek is geworden. Als ik aan de beurt ben, zie ik dat het nieuwe kantoortje zwaar bewaakt is. Jasfer zegt een spreuk op die de kaarsen in de kamer laat opvlammen als ik lieg en de kapitein begint zijn vragen te stellen.
'Bent u Zaynal Bint Sabur?'
'Ja.'
'Heeft u Dalilah vermoord?'
'Nee.'
'Heeft u een idee wie haar vermoord zou kunnen hebben?'
En ik zou liegen als ik op die vraag geen ja zou zeggen, dus ik begin ons hele verhaal maar gewoon te vertellen, mijn onschuld zal voor zich spreken. Jasfer en de kapitein zijn zeer verwonderd om dit verhaal te horen, maar ik krijg met mijn fijne neus voor waarheid het gevoel dat Jasfer meer weet.
Zodra ik ze klaar zijn met mijn ondervraging, roepen ze om Thuriyya, aangezien Yasmin nog niet terug is van haar wandeling. Ik weet Thuriyya nog toe te bijten dat ze zullen weten als ze liegt, en trouwens, ik heb toch de waarheid al verteld.
Als Thuriyya haar versie van het verhaal heeft verteld, is Yasmin gelukkig net terug in de harem, en zij wordt net zo grondig ondervraagd. Die avond slapen we alledrie samen in Yasmin's kamer, volledig klaar om 's nachts wakker te schrikken van een moordenaar; Yasmin cast armor op ons allemaal, een spreuk die blijft zitten totdat je een flink aantal klappen krijgt of hij gedispelled wordt, en we slapen met onze wapens binnen handbereik. We zijn alledrie verrast als er de volgende ochtend nog niets is gebeurd.
Die dag wordt Dalilah begraven. Na het ontbijt is er een dienst in de kapel op de paleisgronden, waar we Tanya naast de Kalief kunnen zien zitten, en ik niet de enige van de haremdames ben die groen aanloopt van jaloezie, ondanks de mooie ingetogen dienst.Tanya's poging om te doen alsof ze verdrietig is, faalt maar niet erg genoeg dat het opvalt.
Daarna komt er een lange processie door de stad. De kist wordt vervoerd op een vliegend tapijt, waarachter de Kalief loopt met Tanya en Makin en andere naaste familieleden. Dan de naaste familie van Dalilah zelf, wat belangrijke mensen van het hof, en nog een stoet soldaten om ons te beschermen. Daar achter lopen wij en alle andere haremvrouwen, nog wat mensen van het hof, en daar achteraan nog een stoet soldaten.
De menigte reageert zoals het hoort als het begin van de processie voorbij komt, maar tegen de tijd dat wij langs ze heen lopen, kunnen we opmerkingen opvangen van mensen die misschien toch beginnen te geloven dat de goden de Kalief niet meer goed gezind zijn. 'De priesters in ieder geval niet.' mompel ik nog boos, maar ik wil natuurlijk geen scene maken.
Op de begraafplaats gaan alle soldaten niet mee. Als wij bij de kist aankomen, en er een handje aarde overheen gooien uit respect, is het Tanya gelukt om te huilen, hoewel ik nog steeds kan zien dat het nep is. Maar ook dit is geen goed moment om oproer te kraaien, dus ik houd mijn mond. Als Yasmin bij het graf langsloopt, zweert zij om Dalilah's dood te wreken, en ze zet haar woorden kracht bij met een scare spell. Dit loopt uit op een gelukkig niet al te grote verstoring van de plechtigheid.
De begrafenis wordt afgesloten met een maaltijd, die heel kalm en somber verloopt. Na de maaltijd ga ik naar de Kalief toe om hem mijn innige medeleven toe te vertrouwen, maar hij wil daar niets van weten.
'Uit mijn ogen! En doe maar niet zo onschuldig, feeks! Van jou wil ik niets horen! '
Hij stuurt me weg met koude woorden, alsof hij denkt dat ik haar met mijn blote handen heb vermoord. Mijn hart is gebroken, maar hieruit concludeer ik ook dat of de kapitein, of Jasfer, of allebei in Makin's complot moeten zitten, anders was het verhaal dat wij gisteren naar waarheid aan het onderzoeksteam hebben verteld, wel aangekomen.
Zodra Yasmin, Thuriyya en ik weer terug zijn in de harem, worden we omsingeld door soldaten en afgevoerd naar de donkere kerkers van het paleis. Ik probeer met de soldaten te redenen, uitleggend dat dit alles een misverstand is, maar zodra die grote, zware deur achter me dichtvalt, slaat mijn stem over in gegil. Als mijn handen beurs zijn van het bonken op die deur, en ik pijn in mijn oren heb van mijn eigen weergalmde stem in de cel, zak ik ineen op de smerige vloer. Op dat moment springt mijn deur uit zijn voegen, omdat het hout zich in allerlei onmogelijke bochten wringt.
Ik wurm me met moeite door het onstane gat naar buiten, en zie dat Thuriyya, haar gezicht behuild, ook warp wood cast op Yasmin's celdeur. Ze was veel te overrompeld door de gemene soldaten, dat ze eerst een tijd heeft zitten huilen, voordat ze kon meewerken aan onze ontsnapping.
Drie soldaten komen de gang in gelopen, maar Yasmin veegt ze meteen uit over de muur met een grote vuurbal. We maken ons snel uit de voeten. Buiten aangekomen, zien we nog 2 soldaten, die het vliegende tapijt van de begrafenis staan te bewaken. Thuriyya cast heat metal op ze, zodat ze vreselijk snel proberen om hun harnas uit te trekken, terwijl wij ervandoor gaan op het tapijt.
Ik zit in het midden van het tapijt, met mijn ogen dicht, want ik voel dat mijn gewicht het tapijt flink laat indeuken. Af en toe heb ik zelfs de indruk dat ik een dakpunt in mijn achterste kan voelen. Thuriyya zit achter me, gebiologeerd over de rand te kijken, want zo vaak is ze de harem nog niet uit geweest. Yasmin staat voor me, rechtop op het tapijt, en wijst de weg.
'Recht zo die gaat.' roept ze als het tapijt richting de haven vliegt. 'Ga zitten, gek!' bijt ik haar toe, terwijl ik mijn hoefddoek en sluiers beter omdoe, en mijn sierraden verberg.
Het stadsdeel bij de haven is smoezelig en smerig. We landen in een modderig steegje, hoewel het in geen weken geregend heeft. Er hangt ook een doordringende geur in het steegje. We rollen het tapijt op en ik neem het over mijn schouder. Als we de straat inkomen, zien we dat dit het deel van de stad is waar de daklozen 's avonds slapen en hun opium gaan halen, en waar de vrouwen van lichte zeden voor weinig geld hun lichaam verkopen. Yasmin neemt ons mee naar waar volgens haar Tanya's lipstick vandaan komt.We worden onderweg nog aangesproken door een vieze man met een drankkegel. Yasmin vraagt ons om even weg te kijken en we horen een klap. Als we weer mogen kijken, staat de man voorover gebogen met zijn handen in zijn kruis.
'Welke spreuk is dat?' vraagt Thuriyya nog.
We komen uit bij een oud, vies gebouw, waarvan de deur vermolmd is. Binnen liggen veel mensen op kleine matjes op de grond naar het plafond te staren, met een pijp naast zich. Een trap naar boven brengt ons naar een gang met 2 deuren, waarvan op eentje een bordje hangt: "Global Enterprises, Abdullah. Inkoop en verkoop." Yasmin haalt uit om deze deur in te trappen, maar ik vraag haar om misschien toch gewoon aan te kloppen.
'Ja, wie is daar?'
'Tanya.' zegt Thuriyya snel.
'Oh, vrouwe, bent u het echt?' Een klein, iel mannetje met een stoppelbaard en vettig zwart haar dat onder zijn paarse tulband vandaan komt, doet de deur open. Als hij ons ziet, probeert hij de deur weer dicht te doen, maar ik zet snel mijn voet ertussen. Hij deinst achteruit, wat ons weer ruimte geeft om rustig zijn kantoortje binnen te stappen. Ik sluit de deur achter ons en zet het tapijt ertegen aan. Dan gaan we alledrie nogal boos kijkend om hem heen staan. Het mannetje deinst terug totdat hij in een hoekje van de kamer staat. Hij zegt dat hij geen Tanya kent en ik vertel hem dat ik weet dat hij liegt, en dat hij ons maar snel de waarheid moet gaan vertellen. Hij valt flauw, en ik breng hem weer bij. Yasmin leidt de ondervraging; hij is bang van ons en geeft al snel toe dat hij 1 keer in de 6 maanden een pakje bij het paleis aflevert. Hij wordt betaald door iemand anders, waarvan hij niet weet wie het is, en van wie hij nog banger is dan van ons.
Als Thuriyya de druk nog iets heeft opgevoerd vertelt hij ons dat de man die hem betaalt altijd in het zwart is gekleed en gesluierd en een klein werpspeertje bij zich draagt, zo een als er bij Tanya ook op het nachtkastje stond. Het mannetje heeft verder geen idee wat het spul precies is, en na nog een paar vragen geeft hij to dat hij weet dat zijn opdrachtgeven, de man in het zwart, hoort bij de Cultus van het Grijze Vuur. Hij valt voor de 2e keer flauw en deze keer laten we hem liggen.
Yasmin neemt het volgende pakje lipstick in beslag, neemt het boek mee waarin het mannetje zijn boekhouding bijhoudt, en schrijft hem een briefje dat hij dit voorval beter niet aan zijn baas kan vertellen, omdat wij hem niet zullen vermoorden, maar zijn baas waarschijnlijk wel.
Terwijl we door dit arme stadsdeel wandelen, pieker ik dat ik best de hulp van een vooraanstaande hakim zoals ik zou willen, deze zou meteen weten dat wij de waarheid spreken, en er dan in ieder geval voor kunnen zorgen dat we niet vervolgd worden voor iets wat we niet gedaan hebben.
Wetende dat we niet veel tijd meer hebben voordat Makin en Tanya een coup gaan plegen, gaan we zonder verdere ideeën naar de grootste tempel van Kor de Oude in de stad. Het is daar een vreselijke drukte, want er is een toespraak aan de gang. We weten de achterdeur van de tempel te vinden, maar ook daarlangs kunnen we nauwelijks naar binnen omdat er zoveel mensen zijn. Het onderwerp van de toespraak is nog steeds hetzelfde als een paar dagen geleden; dat de goden zich tegen de kalief hebben gekeerd, de dood van zijn meest geliefde vrouw is daar het bewijs van. Wij besluiten om deze bijeenkomst eens even ruw te onderbreken.
Yasmin cast wall against noise om de spreker heen, zodat de toespraak opeens stilvalt. Ik sta buiten en ik cast call lightning on het dak van de tempel, om de mensen aan het schrikken te maken. Het goudbeslag springt eraf en het puntje van het dak ook. Dan cast Yasmin fly op Thuriyya, die gemaskerd boven de menigte uit vliegt en hen toeroept: "kor de Oude, wees vervloekt om je schijnheiligheid!"
Ik geloof dat we niet helemaal goed af hadden gesproken wat Thuriyya moest roepen, want de toespraak verstoren is een ding, maar een god beledigen in zijn eigen tempel is iets heel anders.
Ze gaat verder: "Mensen, vliet heen, jullie priester zijn zelf verantwoordelijk voor de dood van Dalilah." Als andere priesters tegen haar in beginnen te schreeuwen en de menigte boos reageert, cast Yasmin arrow of fire. Net op het moment dat Thuriyya roept: "Sterf, ongelovigen!" ontploffen alle kaarsen en vuurbekers in een hels vuurwerk. Yasmin komt naar buiten gerend, waar ik het vliegende tapijt alweer heb uitgerold, en Thuriyya vliegt door het gat in het dak naar buiten. Terwijl we koers zetten naar het paleis, zget Yasmin: "We hebben niets opgelost, maar het voelde wel lekker."
Ik cast obscurement, zodat ons vliegend tapijt eruit ziet als een snel vliegende wolk, en het is laat in de avond als we bij het slaapkamerraam van Makin stoppen. De luiken zitten dicht en het is donker binnen. Met de kracht van la mijn frustratie van de afgelopen dagen, sla ik het luik in, waarna er een alarm spell afgaat. Ik cast silence zodra ik binnen ben, en help dan de andere vanaf het tapijt naar binnen. Het bed is onbeslapen en de deur naar de gang staat open, waar nogal wat rumoer vandaan komt. Yasmin en Thuriyya grijpen respectievelijk een jambiya en een kromzwaard die aan de muur hangen, en weer gaat het alarm af. We rennen de gang in en komen op een galerij. Aan het einde van de gang zou de kamer van de kalief moeten zijn; de deur is wijd open en daar staan Makin, Jasfer, 4 soldaten en een bebloede Tanya. De laatste roept wanhopig dat haar geliefde kalief is vermoord.
"En dat heeft zij zelf gedaan!" schreeuw ik zo hard ik kan, laaiend van woede. Dat is het moment dat we worden opgemerkt. De soldaten lijken even in de war, maar Jasfer wrijft meteen over zijn ring, waarna een enorme dao voor hem verschijnt die op ons afkomt. Hij spreekt nog een spreuk uit, waarna de dao ook nog onzichtbaar wordt, maar we kunnen nog steeds zijn zware voetstappen voelen. Yasmin betovert haar jambiya, zodat deze om jasfer heen vliegt, en steeds probeert zijn ringvinger eraf te snijden. Ik cast enthrall op de soldaten, waarna ze azig om zich heen staan te staren en verder niets meer doen. Thuriyya zwaait wild met haar kromzwaard, in de hoop de onzichtbare dao te raken. Als hij haar slaat, wordt hij weer zichtbaar, en ik verbaas me erover dat Thuriyya weer terugslaat, nadat ze een stenen vuist tegen zich aan heeft gekregen.
Tanya gooit een dart op Yasmin af, maar mist haar. Ik cast meteen hold person op Tanya, maar zij is te ver van Jasfer en Makin weggekropen, dus zij vallen niet onder mijn spreuk. Terwijl Thuriyya nog een klap van de dao incasseert, cast Jasfer stinking cloud, waardoor Yasmin over haar nek gaat. Ik cast nog een hold person, en deze keer bevriezen Makin en Jasfer allebei. De jambiya van Yasmin snijdt dan zonder problemen Jasfer's ringvinger af en de ring valt op de grond. Thuriyya glipt langs de dao heen, net voordat hij wall of stone cast en zich klaarmaakt om die over Yasmin en mij heen te duwen. Ik grijp Yasmin en sleur haar mee terug naar Makin's kamer. Op het moment dat de muur met een denderende klap neerkomt, heeft Thuriyya met een triomfantelijk gebaar Jasfer's ring omgedaan.
"Dood hen!" roept ze, wijzend naar Jasfer, Makin en Tanya. De dao lijkt even tegen te stribbelen, maar gehoorzaamt dan. Onder aan de trap hebben zich een stuk of 10 soldaten en de kapitein van de paleiswacht verzameld. Aan hem leg ik het hele verhaal uit, terwijl Yasmin haar maag leegt op de koninklijke toiletten en Thuriyya haar nieuwe ring bewondert.
De Kalief werd natuurlijk geresurrect en ik werd zijn nieuwe hoofdvrouw. Yasmin kreeg de baan van Jasfer aangeboden, en Thuriyya werd uiteindelijk zwanger van de Kalief's eerste zoon.